Image
Taal van de content
Nederlands

1. Samenstelling Utrechtse bevolking en woningvoorraad

Bevolking

  • Utrecht telt op 1 januari 2026 378.140 inwoners en 196.401 huishoudens. De Utrechtse bevolking is in 2025 met 0,4% gegroeid (+1.405). Het is voor het eerst deze eeuw dat het groeipercentage onder dat van Nederland uitkomt (0,5%). De bevolking groeide in 2024 en 2025 minder hard dan daarvoor. Dit komt deels door een daling van het geboortecijfer in de afgelopen jaren en ook is sprake van een vertrekoverschot.

Figuur 1.1 Bevolking verdeeld naar leeftijd, 2025

Infogram URL
  • Utrecht is een jonge stad. Er zijn meer inwoners met een leeftijd tussen 18 en 34 jaar dan gemiddeld in Nederland (zie figuur 1.1). Oudere inwoners zijn er juist minder dan gemiddeld in Nederland.

Figuur 1.2 Huishoudens naar samenstelling, 2025

Infogram URL
  • De meeste Utrechters zijn alleenstaand (53%). Landelijk ligt dat percentage een stuk lager, op 40%. Dit komt onder andere door de grote studentenpopulatie in de stad.
  • Het aandeel meerpersoonshuishoudens met kinderen (20%) en zonder kinderen (20%) in Utrecht is even groot, maar beide wel lager dan in Nederland gemiddeld.
  • De gemiddelde huishoudensomvang in Utrecht is 1,9 personen per huishouden en is vrij stabiel.

Figuur 1.3 Eenpersoonshuishoudens naar leeftijd, 2025

Infogram URL
  • Figuur 1.3 laat zien dat de grootste categorie huishoudens in Utrecht, de eenpersoonshuishoudens, voor 39% uit 20- tot 30-jarigen bestaat. Deze percentages liggen flink hoger dan Nederland gemiddeld (19%). Landelijk komen eenpersoonshuishoudens vanaf 40 jaar juist weer vaker voor dan in Utrecht.

Woningvoorraad

Figuur 1.4 Ontwikkeling samenstelling woningvoorraad naar eigendom en prijs

Infogram URL
  • Utrecht telt op 1-1-2026 171.400 woningen.
  • De voorraad bestaat voor 45% uit koopwoningen en voor 53% uit huurwoningen.
  • De woningvoorraad bestaat in 2025 voor 33% uit sociale huur (huurprijs onder de liberalisatiegrens, in 2024 was dat 34%). Dit betreft zowel de sociale huurwoningen van woningcorporaties als van particuliere eigenaren.
  • Het afgelopen jaar is het aandeel sociale huur licht gedaald. In de twee jaar daarvoor was sprake van een lichte stijging die vooral zat bij de sociale huur bij marktpartijen.
  • Begin 2025 bestaat 28% van de totale woningvoorraad uit sociale huurwoningen in corporatiebezit met een sociale huurprijs (onder de € 900 per maand). Dit is een lichte afname ten opzichte van de jaren daarvoor: sinds 2019 was dit aandeel stabiel op 29%.
  • In 2025 zien we een afname van het aandeel middenhuur van 14% naar 13% van de totale woningvoorraad. Deze daling is ingezet in 2023 toen het aandeel op 16% lag. Het aandeel middenhuur groeide daarvoor tussen 2019 en 2023 van 11% naar 16%.
  • In 2025 is 8% van de woningen een betaalbare koopwoning (woningen met een WOZ-waarde tot €405.000,- in 2025). Dat is meer dan een halvering van het aandeel betaalbare koopwoningen in 2019 (19%), destijds met een WOZ-waarde tot €307.400,-.
  • De omvang van de middencategorie (middenhuur + betaalbare koop) over de jaren neemt langzaam af. In 2025 is 21% van de woningen een woning in de middencategorie. In 2019 was dit aandeel nog 30%. Dit komt vooral door de daling van het aandeel betaalbare koopwoningen, maar in het laatste jaar dus ook door de middenhuur.
  • Het aandeel dure koop blijft a.g.v. prijsstijgingen doorgroeien en ligt in 2025 op 36%. De laatste jaren komt daar elk jaar jaar 1%-punt bij.

Figuur 1.5 Woningvoorraad naar woningtype, 2025

Infogram URL
  • Veruit de meeste woningen in Utrecht zijn appartementen (59%). De overige woningen zijn eengezinswoningen, vooral tussenwoningen (30%) en hoekwoningen (7%). Twee onder een kap woningen (2%) en vrijstaande woningen (2%) komen minder voor in Utrecht.
  • In Utrecht ligt in 2025 het aandeel eengezinswoningen (41%, in feite alle woningtypes behalve de appartementen) veel hoger dan in andere steden als Amsterdam (13%), Rotterdam (25%) en Den Haag (21%), maar wel veel lager dan gemiddeld in Nederland (64%).

Figuur 1.6 Ontwikkeling opleveringen, 2020-2025

Infogram URL
  • In 2025 zijn 1.100 meer woningen opgeleverd dan in het jaar daarvoor. Maar in 2023 en 2024 zijn weer duidelijk minder woningen opgeleverd dan in de jaren daarvoor. Tussen 2019 en 2022 was het aantal opleveringen vrij constant met ruim 3.000 woningen per jaar.
  • De opleveringen bestaan hoofdzakelijk uit nieuwbouwwoningen, maar ook uit andere toevoegingen (bijvoorbeeld door woningsplitsingen en functiewijzigingen).
  • Het aantal vergunde nieuwbouwwoningen is gestegen van 2.600 in 2024 naar 3.290 in 2025. Het gemiddelde over deze twee jaren zit net onder de 3.000.

Figuur 1.7 Ontwikkeling nieuwbouw t.o.v. de voorraad (vergelijking G4 en landelijk)

Infogram URL
  • In 2025 lag het aandeel nieuwbouwwoningen in Utrecht ten opzichte van de totale voorraad (1,6%) hoger dan in 2024 (0,9%). Ook hier zien we de dip terug in 2023 en 2024 uit figuur 1.6.
  • Het aandeel toegevoegde nieuwbouw in Utrecht ligt boven het landelijk gemiddelde (0,8%, de gestippelde lijn). Tussen 2018 en 2024 lag het landelijk gemiddelde stabiel rond 0,9%.
  • Van de andere G4 steden lag het aandeel toegevoegde nieuwbouw het hoogst in Amsterdam (1,5%). Vrijwel elk jaar voegt Utrecht relatief het meeste toe met uitzondering van 2024.

Figuur 1.8 Ontwikkeling  van de gemiddelde woonoppervlaktes (m²) in Utrecht tot 2025 naar bouwperiode

Infogram URL
  • Nieuwe woningen worden gemiddeld steeds kleiner in Utrecht. Het gemiddelde woonoppervlak in 2014 bedroeg 96 m². Woningen die vanaf 2015 zijn gebouwd hebben een gemiddeld woonoppervlak van 83 m² (-13 m²).
  • Eengezinswoningen worden echter steeds groter. Een gemiddelde eengezinswoning is in Utrecht 121 m². Nieuwe eengezinswoningen worden vanaf de bouwperiode 1995-2005 gemiddeld steeds groter.
  • Meergezinswoningen (appartementen) worden steeds kleiner. Een gemiddeld appartement in Utrecht is 76 m². Nieuwbouwappartementen vanaf de bouwperiode 1995-2005 zijn gemiddeld steeds kleiner.