14. Eigen organisatie
14.1 Inleiding
In dit duurzaamheidsverslag hebben we de informatie over de eigen gemeentelijke organisatie in het hierna volgende deel bij elkaar gebracht. Het betreft achtereenvolgens:
Energie
- Energietransitie gemeentelijk maatschappelijk vastgoed
- Energiegebruik eigen organisatie
- Garanties van oorsprong
- Energiebehoefte gemeentelijke kantoren
- Zonne-energie en zonne-warmte op het eigen vastgoed
- Directe CO2 uitstoot gemeentelijk vastgoed
Mobiliteit
Inkoop en afval
14.2 Energietransitie gemeentelijk maatschappelijk vastgoed
In mei 2025 is Beleidsnota Vastgoed vastgesteld door de gemeenteraad. Deze nota beschrijft hoe wij gemeentelijk vastgoed inzetten om maatschappelijke meerwaarde te creëren voor de stad. Het verduurzamen van gemeentelijk maatschappelijk vastgoed blijft hierin een prioriteit voor de gemeente Utrecht. In 2050 willen we dat ons vastgoed voldoet aan het Klimaatakkoord en liefst zelfs helemaal klimaatneutraal is. Tegelijkertijd concluderen we in de beleidsnota dat we nog niet op koers liggen om dit doel te behalen en dat extra verduurzamingsmaatregelen noodzakelijk zijn. In 2025 hebben we daarom gewerkt aan een routekaart voor de gefaseerde verduurzaming van ons bestaande vastgoed, die gelijk met ons Uitvoeringsprogramma Vastgoed 2025-2030 is vastgesteld door het college en ter informatie gedeeld met de gemeenteraad. De routekaart maakt inzichtelijk welke tussentijdse mijlpalen wij moeten bereiken om in 2050 te voldoen aan het klimaatakkoord en de gemeentelijke duurzaamheidsambities. In 2025 zijn de volgende duurzaamheidsresultaten behaald:
- Wijkservicecentrum Vleuten-de Meern heeft een BREEAM-erkenning ontvangen.
- Buurtcentrum Zuilen is energieneutraal opgeleverd.
- De Ludgerschool in Zuilen is energieneutraal, gasloos en gedeeltelijk circulair opgeleverd.
- De vernieuwde gymzaal bij de Ludgerschool in Zuilen is bijna energieneutraal opgeleverd.
- De brandweerpost in Leidsche Rijn is energieneutraal opgeleverd met een ondergrondse waterbuffer.
- Daarnaast is gewerkt aan de planvoorbereiding voor renovatie en verduurzaming van verschillende gebouwen.
14.3 Energiegebruik eigen organisatie
Figuur 14.3.1 energiegebruik hele gemeentelijke organisatie
In 2025 betrof het totale energiegebruik van de gemeentelijke organisatie 263.159 GJ. Dit is de energie nodig om bijvoorbeeld:
- De gemeentelijke accommodaties en gebouwen te verwarmen en te verlichten;
- De riolering te laten functioneren;
- De openbare ruimte te verlichten;
- Het verkeer te managen.
Het energiegebruik in 2025 is licht afgenomen ten opzichte van 2024. Verduurzaming van gebouwen en installaties in de openbare ruimte zorgen voor een lager energiegebruik. De toename bij MFA en welzijn komt doordat Nieuw Welgelegen in 2025 weer volledig in gebruik was. In 2024 werd dit gebouw gerenoveerd en was het verbruik lager. Weersinvloeden zijn beperkt, de gemiddelde temperatuur in 2025 was iets lager dan in 2024.
14.4 Garanties van oorsprong
Figuur 14.4.1 garanties van oorsprong van de gebruikte elektriciteit
Gemeente Utrecht heeft tot en met 2029 een contract met Greenchoice voor de levering van duurzame elektriciteit. Alle elektriciteit die niet zelf wordt opgewekt met zonnepanelen op de gemeentelijke daken wordt vanaf 2022 door Greenchoice geleverd vanuit het nieuw gerealiseerde windpark Oosterscheldekering. Daarmee levert de gemeente een bijdrage aan de ontwikkeling van additionele windenergie in Nederland. In 2025 heeft Greenchoice 43.328.729 kWh geleverd aan de gemeente. Op 60 gemeentelijke daken liggen zonnepanelen waarmee in 2025 ongeveer 3,4 miljoen kWh is opgewekt. Wanneer een gebouw meer zonne-energie opwekt dan dat het zelf gebruikt ontstaat er een Garantie van Oorsprong (GVO). Met deze GVO`s verduurzamen we een deel van ons elektriciteitsgebruik. In 2025 werd 7,9% van de gemeentelijke stroombehoefte met zonne-energie opgewekt.
14.5 Energiebehoefte gemeentelijke kantoren
Figuur 14.5.1 energiebehoefte gemeentelijke kantoren
Door middel van de BENG-indicatoren (Bijna Energieneutrale Gebouwen) kunnen we beter in beeld brengen hoe de energiebehoefte van gemeentelijke kantoren is opgebouwd. Gemiddeld genomen over de volgende gemeentelijke kantoren: stadhuis Utrecht, wijkservicecentrum Vleuten-De Meern en het stadskantoor is het gebruik in 2025 113 kWh/m2. Dit is even veel als in 2024.
14.6 Zonne-energie en zonne-warmte op het eigen vastgoed
Figuur 14.6.1 geïnstalleerde zonne-energie en zonne-warmte op eigen vastgoed
Er is in totaal 4.050.889 wattpiek aan elektrisch vermogen geïnstalleerd. Daarnaast zijn er zonnepanelen die naast elektrisch vermogen ook thermisch vermogen (warmte) kunnen opwekken. Er is in totaal 1.635.912 wattpiek aan thermisch vermogen geïnstalleerd.
In 2022 is er netcongestie afgekondigd op het landelijk elektriciteit netwerk. Dat betekent dat het voor nieuwe opwekinstallaties niet langer toegestaan is grote hoeveelheden stroom terug te leveren aan het net. Dit heeft gevolgen voor de realisatie van zonne-energie op het eigen vastgoed; als we nieuwe zonnepanelen plaatsen mogen we namelijk niet méér stroom produceren dan dat het gebouw op ieder gegeven moment verbruikt of teruggeleverd kan worden aan het net binnen de beschikbare aansluiting. Hierdoor stagneert de uitrol van zonne-energie op eigen vastgoed. De netbeheerders (Tennet en Stedin) zijn bezig met uitbreidingen in het elektriciteitsnet en nemen maatregelen om meer ruimte te maken op het elektriciteitsnet. In de Voortgangsrapportage Energie voor de stad is hierover meer informatie te vinden.
14.7 Directe CO2 uitstoot gemeentelijk vastgoed
Figuur 14.7.1 directe CO2 uitstoot gemeentelijk vastgoed
De CO2 uitstoot van het gemeentelijk vastgoed heeft drie bronnen:
1. Elektriciteit: jaarverbruik 2025 betrof 43.328.729 kWh
2. Aardgas: jaarverbruik 2025 betrof 1.291.600 m3
3. Stadsverwarming: jaarverbruik 2025 betrof 66.302 GJ
- Het elektriciteitsgebruik is volledig duurzaam en afkomstig uit Nederlandse windparken. De CO2 uitstoot hiervan bedraagt dus 0 Kg.
- De CO2 uitstoot behorend bij een kuub gas bedraagt in 2025 1,779 Kg. De totale CO2 uitstoot van het gasgebruik over 2025 bedroeg dus 2.297.756 Kg. Vanaf 2021 t/m 2025 compenseerde de gemeente haar volledige gasgebruik middels CO2 reductiecertificaten van het type Gold Standard. De CO2 werd gecompenseerd door een windpark in Turkije. Vanaf 2026 zal de gemeente een alternatieve en lokale invulling gaan geven aan de CO2 compensatie. Stichting Utrecht Natuurlijk start samen met onze gasleverancier Greenchoice initiatieven gericht op CO2 compensatie maar ook op klimaatadaptatie, het versterken van biodiversiteit en sociale betrokkenheid.
- De CO2 verbonden aan de stadsverwarming wordt bepaald via een standaardmethodiek volgens een door het Rijk vastgesteld model, het zogenoemde warmte-etiket. Hierin wordt de duurzaamheid van de benodigde energie benoemd en de CO2 emissiefactor van de stadswarmte. Het warmte-etiket over 2025 is nog niet beschikbaar.
14.8 Vervoerswijze medewerkers
Sinds april 2023 heeft de gemeente Utrecht een nieuwe reiskostenregeling voor haar medewerkers. Medewerkers hebben in deze regeling de keuze tussen twee varianten: ‘Groen Flexibel’ en 'Budget Vrij’. Groen Flexibel is financieel de meest aantrekkelijke variant voor medewerkers die kiezen voor reizen met OV, fiets en lopen. Medewerkers krijgen in principe geen autovergoeding en is alleen mogelijk bij uitzondering, bijvoorbeeld als er sprake is van een medische beperking. Medewerkers van de gemeente Utrecht worden zo gestimuleerd om voor woon-werkverkeer gebruik te maken van het openbaar vervoer, de fiets of lopen.
Bij Groen Flexibel krijgen medewerkers het OV 100% vergoed (NS-Business Card) of krijgen een kilometer-vergoeding voor fietsen of lopen van 19 cent/km. Bij Groen Flexibel kan de medewerker een thuiswerkvergoeding aanvragen voor de dagen waarop de medewerker thuiswerkt.
Figuur 14.8.1 vervoerswijze woon-werkverkeer medewerkers gemeente Utrecht met reiskostenvariant Groen Flexibel, 2025*
*Omdat een werknemer binnen een kalenderjaar voor meerdere soorten ‘vervoer’ een vergoeding kan
hebben ontvangen (bijvoorbeeld sommige dagen met het OV en andere dagen met de fiets), telt het
totaal op tot boven de 100%.
73% van de medewerkers koos in 2025 (peildatum 31 december) voor Groen Flexibel. 91% van deze medewerkers heeft binnen het kalenderjaar voor het woon-werkverkeer gebruik gemaakt van het openbaar vervoer, 28% heeft één of meerdere dagen gekozen voor fietsen, 6% voor de auto en 2% voor lopen.
Naast Groen Flexibel kunnen medewerkers kiezen voor Budget Vrij. Bij Budget Vrij hebben medewerkers maandelijks een vast budget voor reizen en thuiswerken. Dit budget wordt vastgesteld op basis van een vaste km-vergoeding van 8 cent per km, maximaal 30km enkele reis en het gemiddeld aantal reisdagen van de werknemer. De medewerker maakt bij deze reiskostenregeling zelf de keuze voor zijn/haar vervoermiddel.
15% van de medewerkers heeft in 2025 gekozen voor Budget Vrij. Van deze medewerkers weten we niet met welk vervoermiddel de medewerker tussen woon en werk reist. 4% van de medewerkers heeft geen reiskostenvergoeding ontvangen. Dit kan onder andere komen door een zeer beperkte woon-werkafstand en/of door regelmatig thuiswerken. Ook langdurig zieke medewerkers krijgen (tijdelijk) geen vergoeding
Figuur 14.8.2 gekozen reiskostenregelingen medewerkers gemeente Utrecht, 2025
14.9 Aandeel elektrisch gemeentelijk wagenpark
Figuur 14.9.1 aandeel elektrische voertuigen in het gemeentelijk wagenpark
De gemeente Utrecht probeert haar gemotoriseerde wagenpark bij vervanging zoveel mogelijk om te zetten naar emissievrije voertuigen. We streven ernaar 95% emissievrij te zijn met het eigen gemeentelijke wagenpark in 2030. Als tussendoel is in 2025 het gebruikte materieel in de zero-emissiezone emissievrij beschikbaar, met uitzondering van een aantal zware voertuigen (raadsbrief 23 december 2023).
Het gemeentelijk wagenpark bestaat in 2025 uit 448 gemotoriseerde voertuigen. Daarvan is 46% emissievrij. Dat is een kleine toename ten opzichte van 2024 (45%) na een periode van drie jaar waarin het aandeel emissievrije voertuigen licht afnam. Het aantal elektrische voertuigen nam in 2025 iets sneller toe, dan het totaal aantal voertuigen (inclusief niet-elektrische voertuigen). De toename van emissievrije voertuigen is te zien bij de personenwagens, werkvoertuigen en boten.
Sinds 2021 neemt het aantal elektrische voertuigen toe, het aandeel binnen het eigen wagenpark fluctueert. In 2025 is 88% van de personenauto's elektrisch (2024: 87% en 2023: 84%). Het aandeel emissievrije bestelwagens blijft, na een periode van toename, in 2025 ongeveer gelijk (62% in 2023; 70% in 2024; 69% in 2025) en het aandeel emissievrije werkvoertuigen nam in 2025 iets toe (26% in 2024 naar 28% in 2025).
14.10 Maatschappelijk verantwoord opdracht geven en inkopen
Maatschappelijk verantwoord opdrachtgeven en inkopen
De gemeente koopt maatschappelijk verantwoord in. Dit betekent dat de gemeente in haar opdrachtgeversrol stuurt op het realiseren van de doelstellingen op vijf Utrechtse MVOI-thema’s: klimaat, circulaire economie, gezonde leefomgeving, sociale & gezonde stad en ketenverantwoordelijkheid. De gemeente Utrecht wil de denk- en innovatiekracht van de markt hierbij gebruiken. Hierbij is het MVOI Uitvoeringsprogramma, dat in maart 2024 door het college is vastgesteld, het uitgangspunt.
In 2025 is verder invulling gegeven aan MVOI-inkoopadvies, door met gemeentelijke inkoopkracht maatschappelijke impact te realiseren. Vanaf medio 2025 adviseren we via MVOI-inkoopadvies integraal op alle sociale, duurzame en gezonde thema’s. Gedurende het jaar is verder gebouwd aan de kwaliteit van dienstverlening in de vorm van een domeingericht one-stop-shopping concept om zo efficiënt mogelijk te kunnen adviseren. One-stop-shopping betekent in deze dat de opdrachtgever slechts één MVOI-inkoopadviseur aan tafel hoeft uit te nodigen. De betreffende adviseur doet zelf een beroep op de benodigde MVOI-expertises over welke hij/zij zelf niet beschikt. Onderwerpen waaraan in dit kader ook wordt gewerkt zijn uniforme dienstverlening en relatiemanagement, zodat MVOI-inkoopadvies tijdig betrokken raakt in de ontwerpfase van een project en/of aanbesteding.
Volgens het jaarlijkse onderzoek van Bouwend Nederland staat de Gemeente Utrecht in 2025 binnen de top 25 op positie 15 van gemeenten die duurzaam aanbesteden. Gemeente Utrecht is ten opzichte van vorige rapportage niet alleen één positie gestegen, maar heeft ook haar gemiddelde score met 14% verbeterd (van 3,24 naar 3,68).
Resultaten in 2025
Figuur 14.10.1 inkoop 2025 naar ambitieniveau
In dit verslag wordt gerapporteerd over de circulaire resultaten van inkoopopdrachten met een minimale waarde van € 100.000. De totale opdrachtwaarde van de aanbestedingen waarover we in 2025 rapporteren is € 1.064 miljoen. In 2025 is 34% van dit inkoopvolume circulair aanbesteed. Het inkoopvolume waarover MVOI-adviezen zijn verstrekt, is ten opzichte van 2024 fors toegenomen, van € 578 miljoen naar € 1.064 miljoen, door een aantal grote opdrachten. Een groot deel van deze opdrachten betrof aanbestedingen buiten het fysieke domein. In de andere domeinen, vooral in het sociaal domein, zijn qua volume minder kansen voor circulariteit dan in het fysieke domein.
Het lagere percentage circulaire inkoopadviezen in 2025 ten opzichte van 2024 en de doelstelling 2025 wordt als volgt verklaard:
- In 2025 is geadviseerd over een aantal grote opdrachten buiten het fysiek domein, die niet of nauwelijks scoren op circulaire impact. Daarmee nam het opdrachtvolume waarover is geadviseerd toe en daalde verhoudingsgewijs het percentage adviezen met circulaire impact;
- Een aantal circulaire eisen en wensen die in eerdere jaren als erg ambitieus werden gezien (ambitieniveau 2 of 3), zijn inmiddels standaard geworden en scoren daarmee minder ambitieus. Dit effect is zichtbaar in de resultaten.
Circulair inkopen en de impact van gemeentelijke inkopen op klimaat en gezonde leefomgeving
Via circulair inkopen worden inkoopinstrumenten ingezet om productie en (her)gebruik van circulaire producten en diensten te stimuleren en daarmee de circulaire samenleving vooruit te helpen. De gemeente ziet een aanbesteding als circulair als aan minimaal drie van de onderstaande vijf punten aandacht is besteed bij de inkoopopdracht:
- Benutten van beschikbare materialen en producten
- Gebruiken van hernieuwbare grondstoffen
- Minimaliseren van de milieu impact tijdens de levenscycli (door middel van de Milieu Kosten Indicator (MKI))
- Creëren van voorwaarden voor een langere levenscyclus
- Creëren van voorwaarden voor gebruik in toekomstige levenscycli.
Figuur 14.10.2 aandeel en omvang circulaire inkoop gemeente Utrecht, 2016-2025
De gemeente wil inzichtelijker maken wat het maatschappelijke effect is van deze aanbestedingen op de vermindering van primair grondstoffenverbruik. Sinds 2023 is voor een aantal projecten in de openbare ruimte gestart om dit effect meetbaar te maken, door middel van de levenscyclusanalyse (LCA) en het monitoren van milieueffecten met behulp van de milieukostenindicator (MKI).
Uit onderzoek van CE Delft in 2023 (zie uitvoeringprogramma MVOI, blz. 41-42) bleek dat het inkoopsegment ‘Grond-, Weg- en Waterbouw’ verantwoordelijk is voor de grootste klimaatimpact en ook het grootste aandeel grondstoffenuitputting van alles wat de gemeente Utrecht inkoopt. Dit betekent dat met de gemeentelijke projecten in de openbare ruimte, zoals de aanleg of herinrichting van straten, een positief verschil gemaakt kan worden. Daarom is in 2023 gestart met een intern opleidingsprogramma om te leren ontwerpen en aanbesteden met de milieukostenindicator (MKI). In totaal hebben 250 mensen de opleiding gevolgd. Door de MKI van materialen en projecten te laten meewegen bij de keuzes die in de projecten gemaakt worden, wil de gemeente de beleidsdoelen op het gebied van onder andere klimaat en circulariteit halen. Hoe lager de MKI van een project, hoe beter voor milieu en klimaat. Een belangrijke manier om tot een lagere MKI te komen, is meer gebruik te maken van vrijkomende materialen. Ondanks de opleidingen wordt MKI nog niet in alle projecten toegepast.
In 2023 sloot Utrecht zich als koplopergemeente aan bij het convenant Schoon en emissieloos bouwen. Er is een werkgroep Emissieloos Inkopen opgericht die een set basiseisen en gunningscriteria heeft ontwikkeld in 2024. De eisen zijn verwerkt in een Utrechtse routekaart die in 2025 door het College is vastgesteld. De eisen worden bij elke inkoop toegepast. Stapsgewijs worden de eisen steeds hoger. De tweede stap gaat in 2026 in, waardoor alle bouwmachines met motorvermogen tot 37 kW die worden gebruikt in gemeentelijke opdrachten, volledig emissievrij moeten zijn. Naast Utrecht sloten nog 15 regiogemeenten, provincies en waterschappen zich in 2024 en 2025 aan bij het convenant.
Via de Utrechtse Routekaart wordt de komende jaren stapsgewijs de mix van fossiele en emissieloze bouwmachines en transport (busjes) verbeterd. De Routekaart geeft de markt een helder meerjarig vooruitzicht voor hun vervangingsinvesteringen. Dankzij een subsidieregeling van het convenant heeft de gemeente extra budgetruimte voor eventuele meerkosten richting de bouwbedrijven. De mix van eisen en gunningscriteria biedt zowel koplopers als regulier MKB een werkbaar speelveld om in hun bedrijfsvoering de duurzaamheidstransitie richting 2030 te kunnen realiseren.
Voorbeelden van maatschappelijk verantwoord opdrachtgeven en inkopen
Diversiteit en inclusie in aanbestedingen
Bij de aanbesteding van brokerdienstverlening, ten behoeve van de inhuur van externe capaciteit vanaf salarisschaal 10, en de aanbesteding van de flexibele schil voor externe inkoopcapaciteit hebben we dit jaar naast de gebruikelijke kwaliteitscriteria ook ingezet op een inclusie- en diversiteitscriterium. Bij beide aanbestedingen is een plan van aanpak uitgevraagd met de opdracht aan inschrijvers toe te lichten hoe hun dienstverlening bijdraagt aan de Utrechtse doelstellingen op inclusie en diversiteit. Hierbij is bewust verschil gemaakt in de wijze waarop dit is uitgevraagd in de aanbesteding. Bij de inhuurbroker, omdat zij invloed hebben op hoe wij te boek staan in de wervingsmarkt, is ervoor gekozen om in algemene zin diversiteit en inclusie uit te vragen. Hoe benader en beoordeel je iedereen gelijk en hoe spreek je de arbeidsmarkt in volle breedte aan? Bij de flexibele schil, omdat zij ook bij de gemeente Utrecht werken en onderdeel worden van de interne organisatie, is meer ingezoomd op specifieke doelgroepen en de interactie in de organisatie. Door diversiteit en inclusie expliciet mee te nemen in aanbestedingen werken we gezamenlijk toe naar onze organisatiedoelen: een veilige inclusieve organisatie, een diverse organisatie en een maatschappelijk sensitieve organisatie.
Raamovereenkomst onderhoud asfaltverharding 2025
Voor de Raamovereenkomst Onderhoud Asfaltverharding 2025 heeft de gemeente Utrecht sterk ingezet op het beperken van milieubelasting bij onderhoud aan asfaltwegen. De opdracht omvat zowel klein als groot onderhoud, talonwerk en bijbehorende werkzaamheden in alle Utrechtse wijken, verdeeld over twee percelen. In de uitvraag speelde de Milieukostenindicator (MKI) een belangrijke rol om duurzame asfalttoepassingen te stimuleren.
Op basis van de milieukostenberekeningen leveren de gekozen asfaltoplossingen een aanzienlijke verwachte milieuwinst op. Voor het eerste perceel gaat het om ongeveer 5.000 ton CO₂ besparing, 4.200 ton minder gebruik van nieuwe grondstoffen en circa 100.000 GJ energiebesparing gedurende de looptijd van de overeenkomst. Voor het tweede perceel zijn de verwachte besparingen vergelijkbaar, met ongeveer 5.300 ton CO₂ reductie, 3.700 ton minder nieuw materiaal en 96.000 GJ energiebesparing.
De winnende marktpartijen voldoen aan de hoogste trede van de CO₂ prestatieladder en leveren ambitieuze doelstellingen aan zero emissie bouwmaterieel. Hiermee draagt de raamovereenkomst substantieel bij aan het verduurzamen van de Utrechtse weginfrastructuur en het verminderen van de milieubelasting van wegonderhoud.
Verledding van openbare verlichting - een nieuwe fase in onze lichttransitie
Samen met onze partners bouwen we in Utrecht aan duurzame straatverlichting en aan sociale en circulaire werkgelegenheid. De afgelopen jaren hebben we al 61% van onze straatverlichting vernieuwd naar energiezuinige LED-armaturen. De komende jaren vervangen we nog 19.000 armaturen en renoveren we 6.800 armaturen, Daarmee zetten we een grote stap richting een schonere, veilige en toekomst bestendige openbare Ruimte.
Verledding van armaturen levert veel milieuwinst op door een fors lagere energievraag, minder onderhoud, betere lichtkwaliteit en minder CO2 uitstoof. We produceren minder afval door de langere levensduur en het beperken van het gebruik van nieuwe primaire grondstoffen door bestaande armaturen te hergebruiken en refurbishen. Een aanzienlijk deel van de armaturen wordt gerenoveerd door het sociale werkbedrijf UW. In deze samenwerking ontstaan circulaire banen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt die armaturen demonteren, reinigen en voorzien van nieuwe led-techniek.
Raamovereenkomst Wegbebakening
Voor de aanbesteding ROK Wegbebakening heeft de gemeente ingezet op maximaal hergebruik van verkeersborden en palen. De uitvraag bevatte eisen voor het herstellen, refurbishen en herplaatsen van bebording, inclusief een halfjaarlijkse rapportage van de gerealiseerde MKI‑waarde. De CO₂‑prestatieladder, % emissieloos materieel en een plan van aanpak voor het waarborgen van hergebruik waren eveneens onderdeel van de criteria.
De winnende marktpartij onderscheidde zich met een uitgebreid paspoort- en beheersysteem. Elk gebruikt bord en elke paal wordt voorzien van een QR‑code, waardoor herkomst, type en nieuwe locatie volledig traceerbaar zijn. Ook beheren zij een duurzame voorraad van gebruikte materialen. Daarnaast reinigen en herstellen zij bebording met osmosewater of biologisch afbreekbare middelen, waardoor schadelijke chemie wordt vermeden. Zij schreven zich ook op koploperniveau in met emissieloos materieel.
Het contract is gestart in januari 2026. Resultaten zoals CO₂‑reductie en MKI‑verlaging worden vanaf de eerste halfjaarlijkse rapportage inzichtelijk.
Raamovereenkomst herstel straatwerkzaamheden
Voor de Raamovereenkomst herstel opgebroken elementenverhardingen heeft de gemeente sterk ingezet op circulariteit. In de uitvraag staat hergebruik centraal: circa 95% van alle vrijkomende straatelementen (zoals betonstraatstenen, gebakken klinkers, trottoirtegels en betonbanden) moet opnieuw worden toegepast. Van het resterende deel wordt zoveel mogelijk passtukken gemaakt, waardoor slechts ongeveer 2,5% nieuw materiaal nodig is. Dit materiaal moet indien voorradig afkomstig zijn uit het gemeentelijke grondstoffendepot Trechterwijde, zodat de inzet van primaire grondstoffen tot een minimum wordt beperkt.
Daarnaast bevatte de uitvraag eisen voor schoon en emissieloos werken, met een verplichte ondergrens voor emissiereductie. Ook konden inschrijvers fictieve korting verdienen op duurzame onderdelen, waaronder de CO₂‑prestatieladder en de aanpak voor hergebruik en samenwerking met het grondstoffendepot. Hiermee stimuleerde de gemeente maximaal circulair materiaalgebruik en een zo emissieloos mogelijke uitvoering.
Voorbehouden opdracht BHV middelen aan sociale onderneming
In 2025 hebben we de opdracht voor de levering van EHBO- en AED-middelen uitgeschreven, waarbij is ingezet om de opdracht aan een sociale ondernemer te gunnen. Artikel 2.82 van de Aanbestedingswet 2012 geeft aanbestedende diensten de mogelijkheid om een opdracht direct te gunnen aan sociale ondernemers (en sociaal ontwikkelbedrijven) die “de maatschappelijk en professionele integratie van gehandicapten of kansarmen tot hoofddoel hebben”. Zij voldoen aan de voorwaarden die genoemd worden in dit artikel, wanneer tenminste 30% van de werknemers een beperking heeft of kansarme werknemer is. Hiermee wordt effectief invulling gegeven aan de MVOI- en social return -doelstellingen van de gemeente.
Begin 2026 is een de opdracht aan een sociale onderneming gegund, die ook qua duurzaamheid goed op weg is. Ze plannen onderhoudsroutes zo efficiënt mogelijk in en hebben een eigen ‘modulaire’ EHBO-doos ontwikkeld waarmee ze verspilling tegengaan. De gemeente behoudt voorlopig de welbekende oranje EHBO-dozen, maar gaat onderzoeken of op een ‘natuurlijk moment’ overgegaan kan worden op het modulaire ontwerp van de nieuwe leverancier.
Wat betreft andere duurzaamheidsthema’s zoals energie, afval en mobiliteit is met de leverancier afgesproken dat ze het eerste contractjaar gebruiken om hierin meer inzicht te creëren en waar mogelijk bij te sturen. Ook voor de AED’s is de wens meegegeven dat de opdrachtnemer die zo duurzaam mogelijk inzet, bijvoorbeeld door hergebruik van bruikbare materialen, verlengen van de levensduur via reparatie of losmaakbare onderdelen, en door refurbish- of herplaatsingsoplossingen.
Biologisch groen
Voor aanbestedingen in de inkoopcategorie ‘groen’ streven we naar een zo hoog mogelijk percentage biologisch groen, passend bij het beschikbare aanbod. In juli 2024 is door de raad de motie M318 Help de bij met uitsluitend biologisch geteelde bollen en zaden Utrecht aangenomen. Vanaf die tijd kopen we alleen nog maar biologische geteelde bloembollen en zaden in. In totaal zijn er over het gehele jaar 2025 433.900 stuks biologische bloembollen ingekocht.
In de zomer van 2024 zijn we gestart met een Dynamisch Aankoop Systeem Beplanting en gunnen we op basis van prijs en teeltmethode, waarbij biologisch en Planetproof gekweekte beplanting een gunningsvoordeel geniet ten opzichte van regulier gekweekte beplanting. In 2025 zijn er 1.738 stuks laanbomen ingekocht. Daarvan is 82,7% biologisch of Planetproof geteeld. Daarnaast zijn er 476.146 stuks heesters en vaste planten ingekocht. Hiervan is 70,3% biologisch of Planetproof geteeld.
Ten opzichte van het jaar 2024 is de totale inkoop van alle beplanting (Laanbomen, heesters en vaste planten) welke biologisch en Planetproof geteeld zijn gestegen van 54,3% naar 70,4%. Het is nu nog te vroeg om volledig biologisch gekweekte beplanting te vereisen van de kwekers. Door ons gunningssysteem stimuleren we kwekers wel om steeds schoner te kweken.
Figuur 14.10.3 aandeel inkoop biologisch en Planetproof van alle beplanting
14.11 Afval stadskantoor
Figuur 14.11.1 afval stadskantoor
In 2025 was de totale hoeveelheid afval afkomstig uit het Stadskantoor 159.597 kg. Dit is een stijging ten opzichte van 2024. Dit zit grotendeels in een stijging in koffiedik. Dat stijgt doordat er meer koffiemachines zijn (ook op publiek toegankelijke plek) én het drukker is op het stadskantoor. De gemeente is in 2022 gestopt met het gescheiden inzamelen van plastic, blik en pakken. Dit valt weer onder restafval, maar wordt wel nagescheiden. Ook is er sinds 2024 de mogelijkheid om plastic flesjes en blikjes apart in te leveren voor een goed doel (Personeelsfonds Utrecht). Hier wordt volop gebruikt van gemaakt. Grofvuil komt uit de verbouwingen die gaande zijn in het stadskantoor.
14.12 Catering
Figuur 14.12.1 vlees en vis
In 2025 is de inkoop van vlees(waren), gevogelte, wild en vis opnieuw gedaald. Halverwege het jaar is een nieuwe menucyclus ingevoerd met een sterke focus op gezonde en bewuste keuzes, waarbij het aantal visrecepturen is verminderd .
Om afval te beperken, wordt waar mogelijk gekozen voor grootverpakkingen. Daarnaast blijven we de leveringen van leveranciers bundelen om het aantal transportbewegingen te reduceren en zo de logistieke keten verder te verduurzamen.
Medewerkers ervaren het gevarieerde aanbod als positief. Keuzevrijheid blijft daarbij een belangrijk uitgangspunt, binnen een duurzaam en toekomstbestendig aanbod.