Image

2.2 Monitoring van maatschappelijke sensitiviteit

De ervaring van bewoners in de interactie met gemeente Utrecht is de belangrijkste indicator van maatschappelijke sensitiviteit. Tegelijkertijd is de directe relatie tussen de inzet van onze bewegingen op maatschappelijke sensitiviteit en de merkbaarheid in de stad lastig in data te vangen. Inzetten op maatschappelijke sensitiviteit is een beweging, waarin we zoveel mogelijk collega’s willen bereiken – en daarmee bewoners en uitvoerend professionals. Dit monitoren we dus ook kwalitatief, door verhalen op te halen en door de beweging in kaart te brengen.  

Figuur 2.2.1: monitoring maatschappelijke sensitiviteit

Infogram URL

Hierbij zien we specifiek:

  • Meer inzet op het benutten van ervaringskennis uit de stad en binnen de organisatie
  • Inzetten op benutten van kennis uit de leefwereld van inwoners en daarnaar handelen
  • Vertalen naar het handelen in het dagelijks werk in zowel beleid als uitvoering

Het streven is in een volgende versie van deze monitor de effecten van onze inzet op maatschappelijke sensitiviteit (nog beter) in beeld te krijgen, door de initiatieven op maatschappelijke sensitiviteit te evalueren.  

2.2.1 Indicatoren beleidsnota

Vertrouwen in lokale overheid groter dan in landelijke, maar neemt af in de periode 2021-2023

Het vertrouwen van Utrechters in de landelijke en lokale overheid laat een daling zien tussen 2021 en 2023. Meer mensen hebben vertrouwen in de lokale overheid (53%) dan in de landelijke overheid (38%). Het verschil tussen lokaal en landelijk vertrouwen is in twee jaar tijd niet veranderd. 

Dit beeld van meer vertrouwen in lokale dan landelijke overheid zien we ook in landelijk onderzoek terug. De lokale overheid is in dit geval het college van B&W, de gemeenteraad en de ambtenaren van de gemeente Utrecht. Het is belangrijk om te vermelden dat het vertrouwen in de lokale overheid door veel factoren wordt beïnvloed, voor een deel ook door de waardering voor de landelijke overheid. De acties die de gemeente inzet op maatschappelijke sensitiviteit zijn daarom niet een-op-een door te vertalen naar de ontwikkeling van deze indicator. Wel geeft het een goed beeld van hoe Utrechters in zijn algemeenheid naar de lokale overheid kijken. 

Verschil in vertrouwen zichtbaar bij rondkomen, leeftijd, opleiding en geslacht

De mate waarin Utrechters vertrouwen hebben in de overheid, verschilt sterk bij achtergrondkenmerken als rondkomen, leeftijd en opleiding. Inwoners die slecht kunnen rondkomen hebben ook minder vertrouwen in de overheid. Het vertrouwen van inwoners in de overheid verschilt ook sterk tussen leeftijdsgroepen. Onder 18 t/m 29-jarigen heeft de meerderheid (59%) vertrouwen in de lokale overheid (college, raad, ambtenaren), bij 65-plussers hebben veel minder mensen vertrouwen (42%). Als we kijken naar opleiding, dan zien we dat Utrechters zonder opleiding of met primair onderwijs/vmbo minder vertrouwen in de lokale en landelijke overheid hebben dan Utrechters met een hbo/wo-opleiding. Het verschil in vertrouwen naar opleiding is groter bij de lokale overheid dan bij de landelijke overheid. Daarnaast hebben mannen meer vertrouwen in de overheid dan vrouwen. 

Figuur 2.2.2: aandeel vertrouwen in lokale en landelijke overheid naar achtergrondkenmerken, 2023

Infogram URL

Ook onder de leden van het Panel Meetellen is het vertrouwen in de overheid achteruitgegaan

Het Utrechtse Panel Meetellen is voor èn door mensen die wat extra ondersteuning nodig hebben, bijvoorbeeld omdat ze langdurig werkloos zijn, psychische of lichamelijke problemen hebben, in de schulden zitten of eenzaam zijn. De achteruitgang van het vertrouwen in de overheid heeft voor deze groep mensen belangrijke gevolgen; bij 55% van de panelleden komt het wel eens voor dat ze geen hulp vragen uit gebrek aan vertrouwen.  

Een van onze verhalenvertellers duidt dit met een concreet voorbeeld vanuit een kwetsbare groep:  

“Mensen gaan niet in op de uitnodiging om hun kinderen te laten vaccineren omdat het maken van een afspraak voor hen te ingewikkeld is en ze de informatie over de noodzaak van vaccinaties niet goed begrijpen, maar ook omdat ze de overheid niet vertrouwen.”

19% van de inwoners ervaart discriminatie, 2% ervaart dit bij de overheid

In de Inwonersenquête 2023 vragen we aan inwoners of zij discriminatie hebben ervaren en zo ja, waar deze discriminatie heeft plaatsgevonden. 19% van de respondenten geeft aan discriminatie te ervaren en 2% van de Utrechters heeft dat ervaren bij een overheidsinstantie.

Figuur 2.2.3: aandeel inwoners dat de afgelopen 12 maanden discriminatie heeft ervaren op de volgende locatie, 2023

Infogram URL

2.2.2 Verhalen uit de stad  

Verhalen uit de Stadskaravaan: gemeente niet altijd als divers en inclusief ervaren

Tijdens de gesprekken die in het kader van de Stadskaravaan zijn gevoerd, kwamen ook signalen en opmerkingen naar boven over de diversiteit en inclusie bij overheidsinstanties. Sommige inwoners geven aan zich niet altijd te herkennen in de gemeente. Het beeld dat ze schetsen is er een van weinig diversiteit, vooral op de plekken waarbij het van belang is voor de functionaliteit. Bijvoorbeeld een wijkbureau, met alleen witte ambtenaren in een wijk die heel divers is. Ook wordt soms genoemd dat de moslimgemeenschap zich niet altijd gehoord en gesteund voelt door de gemeente, en dat niet altijd proactief de zorg of steun geboden wordt die mensen graag zouden zien. 

Toename aan ervaringen van discriminatie op basis van religie

Tijdens de Stadskaravaangesprekken horen we dat de ervaringen van discriminatie en uitsluiting op basis van religie zijn toegenomen. Joden en moslims ervaren dit in de openbare ruimte, op school, werk en ook veel online. De voornaamste zorg hierbij is dat dit de bestaanszekerheid van jongeren aantast die drempels en discriminatie ervaren op de stage- en arbeidsmarkt en de woningmarkt. Ook wordt genoemd dat dit niet los staat van de negatieve impact van de beeldvorming over moslims en joden in Nederland in de media en politiek. Waarbij er een behoefte bestaat vanuit deze gemeenschappen voor steunbetuiging vanuit de gemeente zowel symbolisch als actief in interventies.

Ook noemen veel Utrechters tijdens de stadskaravaan dat jarenlange ervaringen met discriminatie, stigmatisering, etnische profilering en het gebrek aan tegengeluid hierop leidt tot vervreemding, een diep verlies aan vertrouwen in maatschappij en overheid en sociale segregatie. 

De Stadskaravaan zelf wordt positief ontvangen

In alle gesprekken die in het kader van de Stadskaravaan gevoerd zijn, zijn er positieve bekrachtigingen ontvangen van de deelnemers, die benadrukten hoe belangrijk het is om mét de gemeenschappen te praten in plaats van over. De deelnemers waren over het algemeen enthousiast over de Stadskaravaan, met als belangrijke kanttekening dat ze hopen dat de inbreng uit de gesprekken en het doel van de Stadskaravaan ook daadwerkelijk tot stand komen en het niet alleen blijft bij het gesprek. De Stadskaravaan is een belangrijke stap voorwaarts geweest in de relatie en het contact met Utrechters.   

De Stadskaravaan aanpak

De Stadskaravaan aanpak bestaat uit verschillende interventies op basis van de zorgen en behoeftes van de deelnemers van de Stadskaravaangesprekken in co-creatie met partners in de stad. De Stadskaravaan aanpak zet in op een aantal thema’s. Samen met de Liberaal Joodse Gemeente en Studentenvereniging Insan organiseren we sessies waarbij jongeren via het voorgezet onderwijs kennis maken met Joden en moslims in de stad met een bezoekje aan de synagoge of moskee. In het kader van bekend maakt bemind organiseert de Stichting Sleutelpersonen verschillende activiteiten waarbij interactie en verbinding tussen verschillende Utrechters in de stad wordt bevorderd op ervaringsgerichte wijze middels cultuur, kunst, muziek en dialoog. Samen met Discriminatie.nl wordt gewerkt aan het vergroten van de bekendheid en het gebruik van meldpunten voor discriminatie. Dat gebeurt op plekken waar mensen vaak komen, zoals gebedshuizen en maatschappelijke organisaties. Ook hebben we aandacht voor weerbaarheid en bieden we trainingen aan waarin jongeren leren hoe ze discriminatie kunnen herkennen, handvatten krijgen om daarmee om te gaan op de stage- en arbeidsmarkt, en ze versterken in hun bi-culturele identiteitsontwikkeling in een omgeving waarin ze met regelmaat discriminatie en vervreemding ervaren. En we blijven in gesprek en gaan door met de stadskaravaan. 

Verhalen van inwoners: onvoldoende focus op bepaalde groepen of…

De ervaring dat sommige groepen zich niet altijd gezien of gehoord voelen door de gemeente, kwam ook naar voren bij het verhalen ophalen onder inwoners. Dit geldt bijvoorbeeld voor inwoners onder de dovengemeenschap. Eén van de verhalenvertellers zegt daarover het volgende: “Doven worden vaak vergeten bij plannen van de gemeente. Wij willen gewoon mee kunnen doen. Meepraten. Meedenken. Utrecht is de enige stad in Nederland die Gebarentaalopleidingen aanbiedt. Het is een echte tolkenstad. Laten we Utrecht dan ook aantrekkelijk maken voor de dovengemeenschap om te wonen, werken en leven.”  

Ook blijkt uit één van de gesprekken dat als je niet tot een specifieke groep behoort, maar wel een beperking hebt (of een combinatie van meerdere beperkingen) je bij de gemeente tegen problemen kan aanlopen. Maatschappelijk sensitief zijn betekent in dit geval dus ook het nastreven dat regels toepasbaar zijn op iedereen en in dit geval beter in kunnen spelen op complexe casussen. Eén van onze vertellers zegt daarover het volgende: 

“Het probleem is dat mensen auditieve of visuele beperkingen begrijpen maar de combinatie van die beperkingen is niet bekend. Het is niet 1+1=2 maar 1+1=5. Het probleem is dat we altijd heen en weer geslingerd worden in doelgroepen, we horen nergens bij (...) Ik voelde me vreselijk, totaal niet gehoord en gezien (...) Een dubbele zintuigelijke beperking betekent beperkingen in horen én zien en dat weegt een stuk zwaarder dan een enkele beperking. Dubbele beperkingen zijn niet opgenomen in de regels van de gemeente.”

Net als uit de Stadskaravaan komt ook uit de verhalen van inwoners terug dat de moslimgemeenschap zich niet altijd gehoord en gesteund voelt. Dit geldt bijvoorbeeld voor Marokkaanse jongeren: 

”In mijn werk ben ik actief bezig om verbinding te zoeken tussen verschillende groepen jongeren in Utrecht. Daar vertellen Marokkaanse jongeren (16 – 25 jaar) mij dat ze zich niet gehoord voelen. Ik werk al jarenlang samen met Marokkaanse jongeren en ik merk dat er iets aan het veranderen is. Ze zijn boos omdat ze bijvoorbeeld geen baan kunnen vinden en omdat ze zich vaak niet gehoord voelen. Hun bereidheid om stappen te zetten in en voor de maatschappij en om daadwerkelijk te integreren neemt af. Ze vinden dat er niet goed naar hen geluisterd wordt.”

…juist teveel focus op bepaalde groepen

Aan de andere kant komt in een verhaal naar voren dat de overheid juist te veel gefocust is op bepaalde groepen vanwege hun achtergrond en zij daardoor anders behandeld worden. Een van de verhalenvertellers geeft aan dat hij het gevoel kreeg continu onder een vergrootglas te liggen. Dit leidde ertoe dat hij probeert 

“met heel veel dingen ook weg te blijven van de gemeente en te kijken of ik het via andere kanalen kan regelen.”

…en informatie onvoldoende afgestemd op de doelgroep

En dan is er nog een groep die wantrouwen heeft naar de overheid uit onwetendheid, doordat informatie van de gemeente niet goed (genoeg) is afgestemd op de doelgroep. Volgens één van de verhalenvertellers geldt dat vooral voor mensen die analfabeet zijn: 

“Ik zie om mij heen dat mensen die analfabeet zijn het lastig hebben in de samenleving. Voor hen is het dagelijks leven harder geworden omdat in onze maatschappij de laatste jaren bijna alles digitaal is geworden. Vooral sinds de coronacrisis zet deze ontwikkeling zich sterker door en heeft deze groep mensen het dus ook steeds lastiger. Er zijn bijvoorbeeld steeds meer bankfilialen gesloten en het maken van een ziekenhuisafspraak moet tegenwoordig ook digitaal. Ik zie in mijn omgeving dat bepaalde mensen dit niet kunnen en hierbij ook niet de juiste ondersteuning kunnen krijgen. Dit maakt mensen agressief en depressief. Het zorgt er ook voor dat ze geen vertrouwen meer hebben in de overheid. Een concreet voorbeeld hiervan is de lage vaccinatiegraad onder een bepaald deel van de bevolking. Mensen gaan niet in op de uitnodiging om hun kinderen te laten vaccineren omdat het maken van een afspraak voor hen te ingewikkeld is en ze de informatie over de noodzaak van vaccinaties niet goed begrijpen, maar ook omdat ze de overheid niet vertrouwen.”

Tot slot is er ook waardering voor het menselijk contact dat gemaakt wordt: 

“In de periode dat ik in een bepaalde wijk woonde heb ik ook veel gehad aan contact met jongerenwerkers. Op een keer fietste ik waar je niet mag fietsen, bij het winkelcentrum, en werd ik tegengehouden door een paar jongerenwerkers. We raakten aan de praat en dat was leuk. Zij lieten echt merken dat ze me begrepen.”